startpagina terug naar Spel aan de Maas
terug naar sessieoverzicht jaargang 4
ga naar het vorige verslag ga naar het volgende verslag
Sessieverslag Spel aan de Maas, 23 november 2004

Spelers: Bas, Dagmar, Niek en René

Gespeelde spellen:

Wallenstein

Wallenstein

Spelers: Bas, Dagmar, Niek en René

Op Spiel hadden Dagmar en Niek Wallenstein gekocht. Ze hadden het inmiddels één keer kunnen spelen en dat was erg goed bevallen, alleen de speelduur was toen nogal aan de lange kant geweest (4.5 uur…). Daarom waren René en Bas op verzoek een keer een uurtje eerder gekomen. Dagmar had het bord en toebehoren al klaargelegd en iedereen had de spelregels thuis al gelezen, waardoor na een hele korte uitleg (zodat iedereen de regels op dezelfde manier interpreteert) met spelen begonnen kon worden. 
Wallenstein heeft trekjes van zowel El Grande als Risk. Je moet namelijk in Duitsland gebieden zien te bezetten, waarvoor je in de twee telrondes punten krijgt. Dit doe je door de tien mogelijke acties over je gebieden te verdelen. Je hebt 4 soorten acties, namelijk gebouwen bouwen (om je gebieden waardevoller te maken), grondstoffen (geld en graan) innen, legers bijplaatsen en legers verplaatsen (ofwel om ze te herverdelen over 2 gebieden of om een aanval te plaatsen op andere gebieden). Het aanvallen gebeurt niet zoals bij Risk door een groot dobbelfestijn, maar door legers in een toren te gooien. In de toren zitten schotten waardoor niet alle legers die je er in gooit, er ook meteen weer uit komen. Degene waar de meeste legers van uit komen heeft gewonnen. Het spel wordt in 2 jaren gepeeld. Ieder jaar is opgedeeld in 4 seizoenen. In de lente, zomer en winter van elk jaar worden de acties uitgevoerd. In de winter volgt dan de telronde, nadat gecontroleerd is of iedereen wel genoeg graan heeft verzameld voor de hongerige bevolking (als dit niet gelukt is, komt de bevolking eerst nog in opstand). Je krijgt punten voor het aantal landen, het aantal gebouwen en de meerderheid in de verschillende soorten gebouwen in een van de 4 regio’s.
René ging in het eerste jaar als de brandweer. Hij bouwde flink wat waardevolle gebouwen en wist hier veel punten mee te scoren, vooral omdat hij vaak de meerderheid in de regio had. De andere spelers hadden allemaal wel een extra land veroverd, maar dit kon wat betreft puntenwaardering niet tegen het bouwgeweld van René op.
In de tweede ronde probeerde iedereen de bouwlust van René te evenaren en werden de nog vrijliggende landen in rap tempo ingelijfd. In de zomer en herfst begonnen de spelers elkaars waardevolle gebieden in te pikken. Helaas zorgde dit er vaak voor dat een eigen waardevol gebied daardoor minder goed verdedigd achterbleef en dus ingepikt werd door een andere oorlogszuchtige krijgsheer. Dagmar was hier erg succesvol in geweest en scoorde ontzettend goed, waardoor ze met ruime voorsprong de winst naar zich toe wist te trekken. 
Het spel was in de smaak gevallen. Bas vond alleen dat het wel typisch een spel is waarbij iemand die aan kop gaat het risico loopt van alle kanten aangevallen te worden en daardoor niet meer kan winnen. Niek bleef het ongeloofwaardig vinden dat er soms meer legers uit de toren komen dan je er in hebt gegooid in een gevecht, doordat legers die in eerdere gevechten zijn blijven hangen, alsnog naar buiten komen. Hoe interpreteer je dat als je aan echte vechtslagen denkt? Het spel was tenslotte een stuk sneller gespeeld dan de eerste keer (3.5 uur) en dat terwijl er nog flink gekletst was. Dit geeft goede hoop dat het spel snel weer een keer op de speltafel zal verschijnen.

Uitslag: Dagmar 54, René 43, Bas 42, Niek 38
Waardering: Dagmar 5, Niek en René 4½, Bas 4

terug naar boven